Paarden
Het museum heeft vier trekpaarden. Zij zijn ofwel
rasechte boerenpaarden of gekruisd met een ander ras. Zij representeren (zo
dicht mogelijk als wij het kunnen) het traditonele zwaar karrepaard, dat men op
de boerderij kon vinden in het midden van de 19de eeuw tot en met de jaren 50.
Ze werden gebruikt in alle soorten boerderij werk en ook in plaatselijk zwaar
transport. Veel boerenpaarden vandaag zijn gekweekt om zij op een show te tonen
zo is de trend meer en meer in de richting van grotere en grotere dieren.
De museum paarden heten Baron en Neville ; Rosie de
boerenpaarden merrie en haar zoon by een Ardennes hengst, Blair. Het jonge
veulen, Storm was in April 1999 geboren en staat hier ten toon.

[Terug naar
boven]
Deze beelden laten u de museum's boerenpaarden zien al
werkende op een traditionele manier.
Roggeoogsten



Hooi maken

Paarden ploegen


[Terug naar boven]
Rundvee
Het rundvee van het museum behoren allemaal tot
plaatselijke Sussex rassen, die waren gekweekt door John Ellman van Glynde op
het laatse van de 18de eeuw.
De Sussex was traditioneel gebruikt voor werk en
voedsel. De ossen werden gebruikt voor werk wanneer zij twee en een half jaar
oud waren en zij werden naar de markt gestuurd als rundvlees in hun zevende jaar.
De laatste equipe die werkende ossen gebruikte in Sussex was op het einde van de
jaren 1920. Het ras is nog steeds commercieel gekweekt.

[Terug naar
boven]
Schapen
Het museum bezit een kleine kudde van pedigree
Southdowns schapen, een traditioneel korte wol Downland ras. Het was gekweekt
door John Ellman van Glynde en was een groot succes als integraal deel van de
Downlands.
Graanschapen fokkerij tot in het begin van de jaren
1900. Het was bekend voor zijn fijne wol en goed vlees alsook voor kruiskweken,
maar na de eerste wereldoorlog was het getroffen door veranderingen op het
manier van landbouwen; het omploegen van het Downland en de begeerte voor
grotere meer commerciele karkassen. Dit "teddy beer" gezichten ras is nu
geclasseerd als een zeldzaam ras bij het "Rare Breed Survival Trust" maar het
word toch nog gebruikt voor het kruisen.
Wij hebben ook een paar Romney March schapen vanuit
Kent , een oud langharig ras. De Romneys kunt u onderscheiden van de Southdowns
door hun grotere hoogte, een minder wollige kop, grotere hangende oren en langer
vlies. Het ras was gekweekt op de Romney Marshes en het vaart wel in
blootgestelde omgevingen.

[Terug naar boven]
Varkens
De rossige gekleurde varkens zijn Tamworths. Die waren
eerst gekweekt in de Midlands, zoals hun naam weergeeft, maar heel vlug werden
zij populair in gans Groot-Britannie. Wij onderhouden dit zeldzaam ras in het
museum omdat het een oud en traditioneel ras is en omdat het een slanker en
magerder varken is dat veel in gemeen heeft met het varken uit de middeleeuwen,
daarom bevindt het zich in de Bayleaf Hofstede.
Gloucester Old Spots zijn molliger varkens met een roze
huid die gepeperd is met grote zwarte plekken. Commercieel, was dit een
tweedoelig varken; om varkensvlees en spek te produceren. Onze interesse is als
een ras voor huiskweken . Een of twee zouden onderhouden geweest zijn bij kleine
huishouden voor hun eigen voorraad van varkensvlees, spek en "vet varkensvlees"-
hetgeen uit het varken zwaar aanzicht geconfirmeerd is.


[Terug naar boven]
[Home]